Chongqing in de schemerin

Ni Hao Chongqing

En we zijn weer los. Het heeft eventjes geduurd omdat het werkvisum op zich liet wachten maar met 2 weekjes vertraging mocht ik nog toch echt vertrokken. Nu een volledige week in Chongqing China. Het leven begint een beetje te wennen hier. Jetlag moet ik nog een beetje losschudden maar dat gaat met de dag beter. Tja waar zal ik beginnen. Vrijdagochtend ben ik met mijn ouders vroeg naar Schiphol vertrekken om de files te vermijden extra vroeg weggegaan dus kwamen we er ruim voor de incheck tijd binnen. Martin die ik ken van SH-Jong had me nog afscheid genomen voordat hij naar zijn werk ging. Dat was echt een mooi gebaar. Na het inchecken, want ik was nogal bezorgt om mijn te zware koffer, die gelukkig 2 kilootjes onder het toegestane maximum zat. Rens, een voormalige ex-collega en nu opnieuw mijn collega bij MIADA, had een te zware koffer en die moest dus bij betalen. Na het afscheid met onze ouders hadden we in totaal een lange vlucht voor onze kiezen. Met een tussenstop in Helsinki, wat overigens erg bizar is als je daar land en een volledig besneeuwt landschap krijgt te zien, vlogen we daarna door naar Chongqing. Zaterdagochtend kwamen we daar aan. Bij de Chinese immigratie kregen ontmoette we de 3e docent Javier uit Spanje. Herbert onze contact persoon stond ons op te wachten. Tezamen met de taxi reden we Chongqing stad in. Een stad met duizenden maar ook duizenden wolkenkrabbers. Chongqing stad alleen bestaat uit 8 miljoen mensen met de suburbs erbij 23 miljoen. En dan klagen we nog over de drukte in de randstad? Wacht maar totdat je deze stad te zien krijgt.

We werden naar onze appartement gebracht op de campus van CTBU Chongqing Technology and Business University. Waar MIADA, Modern International Arts & Design Academy, onder valt. Chinezen zijn trouwens dol op afkortingen zoals je kan zien. Herbert wist mij te vertellen dat er 40.000 studenten op deze campus verblijven en studeren. Het is een klein dorp in een grote metropool. Je hebt er van alles, restaurants, winkels, eettentjes, koffietentjes, pinautomaten een groot sportveld, kleinere basketbal velden uiteraard ook veel gebouwen waar gestudeerd wordt. Het weekend stond eigenlijk in het teken om de stad te verkennen en te acclimatiseren. Ik heb in de afgelopen jaren genoeg grote steden gezien dus het metro netwerk heb je zo onder de knie (gelukkig dat het ook nog in het engels is), de enorme gebouwen, de massaliteit van mensen. Maar het grootste avontuur en de uitdaging is toch het eten en de taal. Ik begin na een week de Chinese woorden uit elkaar te houden. De komende weken wordt er 1x in de week Chinees gegeven voor de buitenlandse leraren. Dus dat ga ik wel volgen wil je een beetje verstaanbaar maken. Want nu is het op de goede tast maar iets aanwijzen en hopen dat het lekker is. Chongqing staat trouwens ook bekend om zijn Spicy-food. Je maag moet er een paar dagen van wennen maar het is goed te eten. En natuurlijk met stokjes eten is natuurlijk even switchen. In deze weken ben ik voorlopig in de grote stad te vinden. Want mijn paspoort moest ik afgeven bij de politie om mijn workvisa om te zetten in een residential visa voor een aantal maanden. Dus ik mag tot dan de stad niet uit. Maar de stad is groot genoeg om nog van alles te bezichtigen. De bruggen, de gebouwen, de natuur erom heen. En natuurlijk de Yangzté de rivier die nu bekend staat van de documentaire: langs de oevers van de Yangtzé. Bizar eigenlijk om hier nu echt te zijn als je de serie gezien hebt.

Wat ik op het eerste gezicht gezien heb over de Chinezen zelf. Arie Haan had gelijk in zijn boek ‘Nee bestaat niet’ dat het overlevers zijn. Zeker in zo’n drukke stad is iedereen bezig om zichzelf. Werken en leven dat zijn de twee grootste dingen in het Chinese bestaan. Overal voorkruipen, hard roepen om zich verstaanbaar te maken. Maar ze hebben ook een groot hart als je leert kennen. Op de Academie zijn ze ongelofelijk aardig en open. Ook Laoban die een eettentje runt (Shaokao) waar de international community vaak bij elkaar komt die ik nog maar 2x gezien heb. Hij heeft zo’n groot hart toen ik daar voor de 2e keer kwam dat hij gratis diverse maaltijden voor mij klaar zette. Ook heb ik diverse andere mensen leren kennen. De diverse tolken met wie ik samenwerk in de klas: Echo, Chris en Ivy. Onze contactpersoon Herbert natuurlijk. Maar ook enkele buitenlanders zoals Kym (half Nederlands) en Rene (Amsterdammer) en diverse studenten in het appartement waar ik verblijf (veelal Fransen). De groep wordt steeds groter.

Hoe het lesgeven bevalt? Het is in ieder geval een grote eer om hier te mogen zijn. Het is wel anders dan ik gewend ben. De lessen beginnen best vroeg (08.00 uur). De eerste werkdag toen we naar MIADA toe moesten waren we nog bijna te laat omdat we de bus hadden gemist. De campus waar we verblijven is MIADA niet gevestigd dat is een andere vesting ongeveer en half uur lopen of je kan met de bus. Maar die hadden we dus gemist dus moesten we halsoverkop nog een taxi pakken. Om dat in het vervolg te voorkomen heeft MIADA nu vervoer geregeld die ons om half 8 komt ophalen. De eerste week is het altijd aftasten wat de studenten kunnen doen en wat ze geleerd hebben de vorige semesters. Typografie is een van de vakken die ik geef. Voor tweedejaars zitten ze al achter de computers. En de eerstejaars is het ouderwets met pen en papier. Derdejaars zitten weer achter de computer, hen geef ik advertising (mijn favoriete vak). Wat me wel opvalt dat er vooral bij de eerstejaars veel respect is voor de leraar. Ze komen rechtstreeks van de middelbare school. Iedereen zegt massaal goedemorgen naar de leraar. Ze staan op als ze iets te zeggen. Wat ik ze vooral mee wil geven, en dat is erg Chinees, dat de studenten vanuit zichzelf iets moeten genereren en actief moeten zijn als ze iets moois willen maken. Chinezen zullen niet zo snel iets uit zichzelf iets zeggen of doen. Alles wat de docent zegt is goed. Ik hoop in de komende weken hun vertrouwen te kunnen winnen en alles constructief te benaderen. Volledig afkraken is nogal des chinees en kan als gezichtsverlies ervaren worden (nu is dat voor de oudere generaties een groter issue dan bij de jongeren). Probeer ze een beetje op gelijkwaardig niveau te benaderen en niet als autoriteit en vooral een manier te vinden die mij goed ligt. Streng zijn als het moet, en dan met name als sommige studenten hun spullen niet ingeleverd hebben, maar gewoon open blijven als het kan dat ze alle ruimte hebben om zich te ontwikkelen. Het is net als op een reclamebureau op gelijkwaardig niveau het werk verbeteren en vragen hoe en waarom het werk zo goed is alleen het is een stuk langzamer.

Waar ik wel meer van verwacht had zijn de eindexamen advertising studenten. Die ik op maandagmiddag moet begeleiden. Sommige werken in een team andere werken alleen. Maar in het opzicht dat ik dacht dat ze verder zouden zijn was meer omdat ze zelf konden bepalen wat hun onderwerp is en waar ze naar toe willen werken. De eerste ronde was vrij ‘zweverig’ omdat ze niet wisten waar ze heen willen en dat ze voornamelijk denken vanuit een middel. Ze moeten eerst terug naar het concept. En nadenken wat ze willen. En dat ze vooral de begeleider vragen of ik iets kon bedenken… maar zo moet dat niet. Het moet vanuit de studenten zelf komen. Als ze een leuk onderwerp hebben voor een animatie dan willen ze dat ik een verhaal ga bedenken. Nee dat moeten ze zelf doen. Maar ik was ook kritisch op wat ze hadden. Als advertising studenten bij mij komen, en mijn expertise is advertising, dan verwacht ik wel iets meer dan een website(design). Het moet dan wel iets volledig af zijn van A t/m Z wel kloppen. Daar gaat wel veel energie inzitten maar ik ben juist benieuwd hoe ze het oppakken. Want het zakelijk leven is een stuk harder dan ik ben.

No Comments

Leave a Comment